LUMINANTIE

luminantie page

(eng. LUMINANCE)

* SCHIJNBAAR BRONOPPERVLAKDe afmeting van het bronoppervlak (= lichtbron of verlicht oppervlak) variëert i.f.v. van de richting waarin men ernaar kijkt. Daarom maakt men geen gebruik van de werkelijke oppervlakte maar van de ‘schijnbare’ oppervlakte (d.i.de loodrechte projectie van het bronoppervlak op de kijkrichting). Bvb. een televisiescherm bekeken vanuit een schuine hoek lijkt kleiner dan zijn werkelijke oppervlakte) 

BRONOPPERVLAK = een lichtbron of verlicht oppervlak. Voorwerpen die zelf geen licht uitstralen kunnen wel licht reflecteren en krijgen op die manier ook een luminantie (vb: boek, schoolbord,..). Ze worden op die manier een secundaire lichtbron.

LUMINANTIE  (eigenschap van de lichtbron) is een maat voor de HELDERHEID (menselijke waarneming) van uitgestraald of gereflecteerd licht. 

LUMINANTIE beschrijft de helderheid van vooral grotere lichtbronnen of gereflecteerde vlakken. Voor de beschrijving van de helderheid van kleine of puntvormige lichtbronnen zijn de lichtsterkte of verlichtingssterkte meer geschikt.

LUMINANTIE houdt rekening met de afmetingen van de bron.

Voorbeeld: Een heldere en matte gloeilamp met hetzelfde vermogen en lichtrendement stralen dezelfde lichtstroom uit. Toch lijkt het alsof het licht afkomstig van de heldere gloeilamp feller is dan het licht van de matte gloeilamp. De reden zit in de grootte van het lichtgevend oppervlak : bij de heldere gloeilamp is het enkel de gloeidraad die de lichtstroom uitstraalt, terwijl het bij de matte lamp de volledige ballon is die als lichtgevende oppervlakte fungeert.  Hoe kleiner de oppervlakte, hoe groter de luminantie.

matte_heldere_lamp

de LUMINANTIEVERHOUDING dient goed uitgebalanceerd te zijn voor een goed lichtcomfort. Alles hangt af van de functie van de ruimte:

Op een werkplek worden te grote LUMINANTIEVERSCHILLEN  best vermeden. Dit om aanpassingsmoeilijkheden te vermijden.  Voor een dramatisch karakter (bvb tentoonstelling) zijn relatief grote luminantieverschillen dan weer wel gewenst (accentverlichting op een tentoongesteld werk). Lage luminantieverschillen zorgen meestal voor een saaier lichtbeeld.

Afbeelding 8

VERBLINDING ontstaat wanneer er storende luminantiepieken zijn.

verblinding